Profeet Mohammed

Wie was Mohammed?

 

Mohammed (1) ( overl. 632) was de zoon van ‘Abdoellah, de zoon van ‘Abdel-Moetballib, de zoon van Haashim. Zijn stamboom gaat 21 generaties terug naar ‘Adnaan, die tot het nageslacht van Ismael (de zoon van Abraham) behoorde. Zijn moederskant, Aminah, gaat ook terug naar Abraham via eenzelfde voorouder.

 

Hij werd gezonden in een tijdperk waarin beschavingen van de leer van hun respectievelijke boodschappers verlaten hadden. De joden en christenen waren afgedwaald van de boodschappen van Mozes en Jezus en veranderden de Thora en het evangelie. De heidense Arabieren keerden zich af van het geloof van Abraham en wendden zich tot talloze afgoden naast God. Het was een tijdperk in de menselijke geschiedenis waarin de meeste mensen op aarde hun afgoden, beelden, hemellichamen, de vrome overledenen en zelfs de profeten. Zij waren ondergedompeld in bijgeloof, onrecht en exploitatie. Naar elke natie was een boodschapper gestuurd die haar opriep om God alléén te aanbidden. In de Koran staat vermeld: “ Wij hebben waarlijk onder elke natie een boodschapper doen opstaan [met de boodschap]: Aanbid Allaah alléén en blijf weg van de valse afgoden” (16:36), maar deze boodschap werd verdraaid en ging verloren. Mohammed ( vrede zij met hem) werd gestuurd om de boodschap te bevestigen en hem op een gedetailleerde en omvattende manier, die behouden zou blijven in zowel tekst als uitleg, over te brengen.

 

Dertien jaar lang predikte de Profeet op vreedzame wijze voor de heidense Arabieren in Mekka. Hij nodigde hen uit Allaah alléén te aanbidden en af te keren van de aanbidding van afgoden – die niet in staat zijn te baten of schaden. Hij sprak zich uit tegen hun racisme, slechte behandeling van slaven, moorden op pasgeboren meisjes en andere gruweldaden. Hij toonde welwillendheid naar weduwen en wezen en spoorde aan tot het regelmatig uitgeven van liefdadigheid. Zijn boodschap diende de persoonlijke, economische en politieke belangen van de heidenen van Mekka echter niet. Hij stuitte daardoor op veel vijandigheid. Zijn gelovige metgezellen werden onderdrukt, gemarteld en vermoord. Er werden verschillende aanslagpogingen op hem gedaan waardoor hij gedwongen werd om te vluchten naar de stad Medina. Hij ging door met preken terwijl hij vijandigheid, samenzweringen, intriges en kuiperijen van de polytheisten moest verdragen. Vele polytheisten vormden verbonden en spanden samen om oorlogen tegen hem te initiëren.

 

Hij kreeg toestemming zich te verdedigen tegen de agressie en onrechtvaardigheid jegens hem en zijn gelovige metgezellen. Hij vocht alleen ter verdediging van het instrument van vreedzame prediking. Zodat de boodschap van de islaam, waar monotheïsme en perfectie van menselijke moralen en karakter, zonder belemmeringen gehoord kon worden. Hij dwong geen enkel persoon om tegen zijn wil de islaam te accepteren. Zoals de moslimgeleerde Ibn al-Qayyim (overl. 1350) opmerkte: ‘Het wordt voor eenieder die reflecteert over de biografie van de Profeet (vrede zij met hem) duidelijk dat hij nooit – maar dan ook nooit – zelfs maar één enkel persoon dwong om zijn religie te accepteren. Alleen als hij aangevallen werd dan vocht hij terug.’ (2)

 

Je zou verbaasd kunnen staan dat er in de acht jaar tussen 622 tot 630, in de verschillende oorlogen waaraan de Profeet deelnam, niet meer dan 800 tot 900 doden vielen. Deze oorlogen werden echter nooit door hem geïnitieerd. Hij reageerde enkel op onrechtmatige agressie jegens zijn vreedzame activiteiten. Eerlijke geschiedkundigen maken hier ook dan blijk van. Lawrence Browne schreef: ‘Toevalligerwijs maken deze vaststaande feiten korte metten met het idee dat zo wijdverspreid is in christelijke geschriften. Dat idee is: waar de moslims ook gingen, zij dwongen de mensen door middel van het zwaard om de islaam te accepteren.’ (3) James Michener schreef: ‘ In de gehele geschiedenis is er geen geloof geweest dat zo snel verspreidde als de islaam. In het westen wordt gedacht dat deze verspreiding door het zwaard mogelijk was gemaakt, maar er is geen enkel moderne geleerde die dit idee nog aanvaardt (4). ‘ De Lacy O’Leary schreef: ‘Vanuit de geschiedenis wordt echter duidelijk dat de mythe van fanatieke moslims die de wereld over trokken en de islaam met het zwaard verspreidden, één van de meest fantasierijke, absurde mythes is die geschiedkundigen ooit hebben durven verkondigen.’(5)

 

In de 19e en begin 20e eeuw brak een periode aan waarin onderzoekers, academici en noemenswaardige personen in het Westen voorbij de middeleeuwse vooroordelen over de islaam durfden te kijken en op objectieve wijze het leven van de Profeet (vrede zij met hem) begonnen te bestuderen. Men kan uit deze periode vele uitspraken terugvinden waarin de Profeet werd geprezen om zijn uitmuntende eigenschappen en indrukwekkende successen.

Zo schreef Washington Irving (overl. 1859), een Amerikaanse auteur en diplomaat: ‘ Hij was sober en bescheiden betreffende zijn eetgewoontes en vastte rigoureus. Hij was niet extravagant qua uiterlijk, qua uiterlijk leek hij een onbelangrijk persoon, noch veranderde hij zijn eenvoudige kledingkeuze. Dit was het resultaat van zijn onbeduidendheid in het belang zich te onderscheiden. Hij was rechtvaardig in omgang. Hij behandelde vrienden en vreemden, rijken en armen, machtigen en zwakkeren gelijk. Hij was zeer geliefd onder het gewone volk vanwege zijn nederige wijze waarop hij het verwelkomde en naar zijn klachten luisterde… Zijn militaire overwinningen resulteerden niet in trost noch ijdele glorie, zoals bij zelfzuchtigen waargenomen wordt. Toen zijn macht een hoogtepunt bereikte behield hij dezelfde eenvoud in omgang en uiterlijk, als in tijden van tegenspoed. Hij was zo ver verwijderd van de lust naar een vorstelijke status, dat hij er, bij het binnentreden van een ruimte, niet was gediend was om op een speciale of bijzondere manier behandeld werd.’(6)

 

William Montgomery Watt (overl. 2006), emeritus hoogleraar Arabisch en islamitisch wetenschappen aan de Universiteit van Edinburgh schreef: ‘ Zijn bereidwilligheid om vervolgingen te ondergaan vanwege zijn geloof. Het feit dat de mannen in hem geloofden en naar hem als leider opkeken, karakters hadden die gegrond waren in hoog moraal. De grootsheid van zijn ultieme doel. Dit allemaal spreekt in het voordeel van Mohammeds fundamentele integriteit. Om hem als een fraudeur(7) af te schilderen roept meer vragen op dan er beantwoord worden. Daarnaast is in het Westen geen enkel groots persoonlijkheid uit de geschiedenis zo ondergewaardeerd als Mohammed.’(8)

 

Ramakrishna Roa, hoogleraar filosofie van Hindoestaanse afkomst, schreef: ‘De persoonlijkheid van Mohammed, het is ontzettend moeilijk om volledig grip op haar werkelijkheid te krijgen. Slechts een glimp kan ik van haar opvangen. Wat een dramatische opvolging van pittoreske scenes. Er is Mohammed de profeet. Er is Mohammed de strijder, Mohammed de zakenman, Mohammed het staatshoofd, Mohammed de orator, Mohammed de hervormer, Mohammed de toevluchtsoord voor wezen, Mohammed de beschermer van slaven, Mohammed de voorvechter van vrouwenemancipatie, Mohammed de rechter, Mohammed de heilige(9). Al deze magnifieke rollen in al deze verschillende lagen van menselijk activiteit; hij was als een held. (10)

 

John William Draper (overl. 1882), Amerikaanse wetenschapper, filosoof en historicus schreef: ‘Vier jaar na de dood van Justinian, 569 n.Chr., werd in Mekka in Arabië de meest invloedrijke man ooit geboren… Mohammed.’(11)

 

Alphonse de Lamartine (overl. 1869), Franse dichter en staatsman, schreef: ‘Filosoof (12), dichter, apostel, wetgever, krijgsheer, veroveraar van ideeën, herstellen van rationele dogma’s, van een cult zonder afbeeldingen. De stichter van twintig wereldrijken en een spiritueel rijk: dat is Mohammed. Volgens alle standaarden waarmee de grootsheid van een mens wordt gemeten, kunnen wij in alle oprechtheid vragen, is er iemand grootser dan hij? (13) Edward Gibbon (overl. 1794) de beroemde Britse historicus , schreef: ‘ Het grootste succes uit het leven van Mohammed werd door niets anders dan morele kracht bereikt. Er kwam geen zwaardslag aan te pas. (14)

 

Annie Besant (overl. 1933) Britse socialist, schreef: iemand die het leven en karakter van de grootste Profeet uit Arabië bestudeert en weet hoe hij onderwees en leefde, kan niet anders dan puur ontzag voelen voor deze machtige profeet. Hij was een van de grootse boodschappers van de Allerhoogste. Ook al staat hetgeen ik naar jou schreef talloze zaken die bij velen al bekend zijn, als het om mij gaat echter, voel ik elke keer als ik ze herlees een nieuwe bewondering en een nieuw gevoel van ontzag voor die machtige Arabische leraar. (15)

 

David George Hogarth (overl. 1927), een Engelse auteur gespecialiseerd in archeologie en directeur van de Ashmolean Museum te Oxford, schreef: ‘Serieus of triviaal, zijn dagelijks gedrag heeft een canon voortgebracht die miljoenen mensen tot dat dag van vandaag tot op de letter volgen. Geen ander die door een deel van de menselijke beschaving als de Perfecte Mens werd beschouwd, is op dusdanige wijze tot op de kleinste details geïmiteerd. Het gedrag van de stichter van het christendom heeft bijvoorbeeld niet zo’n immens impact op het dagelijkse leven van zijn volgelingen gehad. Daarnaast is er geen enkele stichter van een geloof wiens verhevenheid zo ongeëvenaard is, als die van de moslimapostel. (16)

 

Gustav Weil (overl. 1889) een Duitse geleerde, schreef: Zijn woning zijn kleding en zijn eten, werden allemaal gekarakteriseerd door zeldzame eenvoud. Hij was zo bescheiden dat hij van zijn metgezellen geen specialise, eervolle behandeling wilde. Noch accepteerde hij dat zijn dienaar iets voor hem deed wat hij zelf kon doen. Vaak werd hij op de markt gezien terwijl hij boodschappen deed, werd hij in zijn kamer gezien terwijl hij kleding repareerde of werd hij op de binnenplaats gezien terwijl hij een geit melkte. Hij was voor eenieder en op elk moment beschikbaar, althans als politiek niet in de weg stond. Hij was bijzonder vrijgevig en tot op zeker hoogte erg verdraagzaam. Zijn welwillendheid en gulheid waren oneindig net als zijn bezorgdheid en zorg om het welzijn van de gemeenschap. (17)

 

Ondanks de vele agressieve oorlogen die gevoerd werden in een poging om zijn boodschap uit te doven, triomfeerde de Profeet. Gedurende de laatste twee jaren van zijn leven trad het gehele Arabische schiereiland de islaam binnen. Alleen vanuit vrije wil en zonder enige vorm van dwang. De meerderheid van de inwoners wachtten vol smart om te zien welke van de twee groepen – de Profeet en zijn volgelingen of de Mekkanen met hun talloze bondgenoten – uiteindelijk zou overwinnen. Ze waren ervan overtuigd dat God victorie en gezag van Mekka niet zou toekennen aan een leugenaar. Toen de Profeet Mekka op vredige wijze innam en de leven van de 10.000 inwoners spaarde, werd zijn grootse barmhartigheid en genade getoond. Geheel uit vrije wil haastten de mensen om zich te bekeren tot de islaam.

 

Uit het boek: Een beknopt handleiding van de Islaam en zijn standpunt over Al-Qaida en ISIS

Uitgever: islamagainstextremism.com * www.ibnbaazbookstore.com

Abu Iyaad Amjad bin Muhammed Rafiq

Nederlandse vertaling door Oem Dawud

 

Voetnotes:

  1. De naam Mohammed betekent ‘geprezen’. Hij werd expliciet genoemd in de Hebreeuwse Thora van Mozes als Mohammed en in het Aramese evangelie van Jezus, als Ahmed, wat betekent ‘ meest geprezen’ . Mohammed: de meeste genoemde en meest geprezen naam op aarde. Hij werd geprezen vanweze zijn hoogstaande eigenschappen en deugden. Hij wordt echter niet aanbeden.
  2. Hidaayat al-Hayaaraa dar’alam al-fawaa’id blz 29-30
  3. The prospects of Islaam 1944
  4. Reader’s Digest, mei 1955, blz 68-70
  5. Islam at the Crossroads’ Londen, 1923.
  6. Life of Mahomet, Londen, 1889, blz 192-3, 199.
  7. Montgomery Watt indiceert hier het problem waar vele orientalisten en academici tegenaan lopen als zij in hun werken vraagtekens zetten bij de integriteit van de Profeet.
  8. Mohammed at Mecca, Oxford 1953 blz, 52.
  9. In de islaam bestaan concepten als zaligheid of heiligheid niet. Dit zijn christelijke concepten die voortkomen uit overdrijving en als gevolg kunnen hebben dat mensen aanbeden worden.
  10. In zijn werk, Muhammed the Prophet of Islam.
  11. A History of the Intellectual Development of Europe 1875 deel 1, blz 329-330. Drapers visie werd ook door anderen gedeeld die de Profeet de meest invloedrijke man uit de geschiedenis noemden. Hij werd geplaatst boven andere belangrijke personen zoals koningen, filosofen, leiders, reformeerders, wetenschappers of religieuze figuren.
  12. Mohammed( vrede zij met hem) was geen filosoof. Zijn leringen bestonden niet uit zijn eigen meningen of rationalisering. Zijn uitspraken waren echter geïnspireerd door God. Zelfs de heidense Arabieren, die meesters in dichtkunst waren, waren er niet toe in staat om hem te weerleggen en om te wedijveren met de Koran die aan hem was geopenbaard.
  13. Een vertaalde passage uit Historie de la Turquie Parijs, 1854.
  14. History of the Saracen Empire, Londen 1840.
  15. The Life and Teachings of Muhammed Madras, 1932 blz 4.
  16. Uit zijn boek Arabia Oxford, 1922 blz 52.
  17. A History of the Islamic Peoples, Engelse vertaling, 1914 blz. 27-28