Wat zijn de voorwaarden voor acceptatie van daden?

Wat zijn de voorwaarden voor acceptatie van daden?

Shaykh Mohammed Bin Jamil Zino – رحمه الله – zei:

De voorwaarden die gesteld worden aan daden zodat deze geaccepteerd worden bij Allaah zijn er drie:

1. Geloof (Imaan) in Allaah en in Zijn Eenheid (Tawheed). Allaah ﷻ zegt het volgende over de ongelovigen:

وَقَدِمْنَا إِلَىٰ مَا عَمِلُوا مِنْ عَمَلٍ فَجَعَلْنَاهُ هَبَاءً مَّنثُورًا

“En Wij zullen Ons wenden tot wat zij aan daden hebben verricht en Wij zullen die (daden) tot verstrooid stof maken” [Soerah Al-Forqaan (25): 23)

En de Boodschapper van Allaah ﷺ heeft gezegd:

قُلْ: آمَنْتُ بِاللَّهِ ثُمَّ اسْتَقِمْ

“Zeg: ‘ik geloof in Allaah,’ en wees vervolgens rechtgeleid.” [1]

Tot de voowaarden voor acceptatie van daden behoort ook dat degene die de daad verricht zijn geloof niet ongeldig mag maken door het begaan van ongeloof of Shirk. Dit doet men door bijvoorbeeld (een deel van) de aanbidding te richten aan een ander dan Allaah, zoals het aanroepen van of vragen van hulp aan Profeten en overleden personen:

A. Allaah ﷻ heeft gezegd:

وَلَوْ أَشْرَكُوا لَحَبِطَ عَنْهُم مَّا كَانُوا يَعْمَلُونَ

“Indien zij Shirk hadden bedreven dan zou voor hen wat zij deden vruchteloos geworden zijn” [Soerah Al-‘An ‘aam (6): 88]

B. En Allaah ﷻ heeft ook gezegd:

وَلَقَدْ أُوحِيَ إِلَيْكَ وَإِلَى الَّذِينَ مِن قَبْلِكَ لَئِنْ أَشْرَكْتَ لَيَحْبَطَنَّ عَمَلُكَ وَلَتَكُونَنَّ مِنَ الْخَاسِرِينَ

“En voorzeker, aan jou en aan hen (die) vóór jou (zijn gekomen) is geopenbaard (dat): ‘Als jij Shirk begaat, dan zullen jouw daden vruchteloos worden en zal jij zeker tot de verliezers behoren’” [Soerah Az-Zoemar (39): 65]

2. Zuiverheid (exclusieve toewijding). Men dient de daad voor Allaah alleen te verrichten, zonder Riyaa’ of Sum’ah[2]. Allaah ﷻ heeft gezegd:

فَادْعُوا اللَّهَ مُخْلِصِينَ لَهُ الدِّينَ

“Roept Allaah dus aan, het geloof zuiver aan Hem
richtend” [Soerah Ghaafir (40): 14]

En de Profeet ﷺ heeft gezegd:

مَنْ قَالَ : لا إِلَهَ إِلا اللَّهُ مُخْلِصًا دَخَلَ الْجَنَّةَ

“Wie ‘Laa llaaha Illa-llaah’, zegt, zuiver (uit het hart); hij zal het paradijs binnentreden.” [3]

3. De daad moet in overeenstemming zijn met dat waarmee de Profeet ﷺ is gekomen. Allaah ﷻ heeft gezegd:

وَمَا آتَاكُمُ الرَّسُولُ فَخُذُوهُ وَمَا نَهَاكُمْ عَنْهُ فَانتَهُوا

“En wat de Boodschapper jullie geeft, neemt dat. En wat hij jullie verbiedt, onthoudt jullie daarvan” [Soerah Al-Hashr (59): 7]

En de Profeet ﷺ heeft gezegd:

مَنْ عَمِلَ عَمَلاً ليسَ عليه أمرُنا هذا فهو رَدٌّ

“Wie en daad verricht die niet tot onze zaak (al-Islaam) behoort; die (daad) wordt niet geaccepteerd.” [4]

Genomen uit het boek: [Een samenvatting van De Islamitische Geloofsleer uit de Qor’aan en de authentieke Soennah, blz. 27 – 29 | Vertaald door Mohamed Bendaoud]

voorwaarden acceptatie van daden

 

 

 

 

 

 

 

Voetnoot van de vertaler:

[2] Dit zijn twee termen die respectievelijk slaan op het verrichten van een daad zodat anderen dit zien, of ervan horen.

Voetnoten door Ahlul Athaar:

[1] Sahih Muslim, n. 38 & Sunan at-Tirmidhi, n. 2410 & Sunan Ibn Majah, n. 3972

[3] Sahih Muslim, n. 29 & Sunan at-Tirmidhi, n. 2638

[4] Sahih Muslim, n. 1718 & Musnad Imaam Ahmad ibn Hanbal, 6/256

Lees dit interessante artikel:

verduidelijken-van-de-vijf-pilaren-van-de-islaam